Motortest: Triumph Speed Triple 2011 Introductie Spanje |
||
|
|
Triumph had voor de introductie van de Speed Triple 2011 geen mooiere locatie kunnen kiezen. Het circuit van Ascari in het zuiden van Spanje wordt door liefhebbers het mooiste circuit van Europa genoemd. En voor een nakedbike met potentie zijn het 13 linker- en 13 rechterbochten tellende circuit en haar omgeving uiteraard de ideale omgeving.
Triumph koos de Intermot in Keulen om de nieuwe Speed Triple voor het eerst aan de pers en het publiek te tonen en nog geen week later volgde deze introductie in Spanje. Op de beurs moest ik, en met mij velen, heel erg wennen aan het nieuwe uiterlijk van de motor. Vooral de zo karakteristieke koplampen, die nu vervangen zijn door 'modernere' versies, trokken direct de aandacht. De scherpere lijnen en de duidelijk aanwezige cockpit die het aangezicht af moet maken doen wat kaal aan. Alsof de motor nog niet af is. De versie met gemonteerde flyscreen (een accessoire) doet wat meer denken aan de vertrouwde Speed Triple. Tijdens de introductie op Ascari blijkt het uiterlijk al snel te wennen, maar het zo maar accepteren van de nieuwe look in het straatbeeld zal wel even uitblijven. Die twee ronde ogen van de Speed zijn voor iedereen inmiddels al 13 jaar een duidelijke herkenning op de weg. Insiders bij Triumph die het nieuwe model al een jaar lang onder ogen hebben gehad vertelden me dat voor hen het oude model wel erg oubollig aan ging doen. Ikzelf moet bekennen dat ik, na een dag doorgebracht te hebben omringd door de nieuwe machines, over een oud model heen struikelde buiten de pitlane en mezelf op diezelfde gedachte betrapte.
De rest van de aanpassingen aan de Speed Triple zijn eveneens ingrijpend te noemen. Een compleet nieuwe 43mm volledig instelbare voorvork. Een nieuw (smaller) frame en een lichtere, sterkere en langere achterbrug verbeteren de stabiliteit van de motor. Als het echter hierbij gebleven was dan zou de motor alleen maar zwaarder zijn gaan sturen. Daarom is de hele gewichtsverdeling van de motor aangepast. Het motorblok is 7 graden naar voren gekanteld en de accu is van onder het zitje naar de positie vlak achter het balhoofd verplaatst. Het gewicht is duidelijk meer over het voorwiel geplaatst. Door de stabiele basis die door de ontwerpers gecreëerd werd konden ook de balhoofdshoek en de naloop verkleind worden. Daarnaast zijn de wielen en tal van onderdelen lichter geworden, wat een totale gewichtsbesparing van 3 kilo ten opzichte van het vorige model tot gevolg had. Als laatste, al zie je dit niet op het eerste gezicht, is het hele uitlaatsysteem gewijzigd. Kortom, allemaal ingrediënten voor een snelle bochtenvreter. De achtergrond van deze veranderingen moeten we misschien zoeken in het broertje van de notoire nakedbike: de Street Triple. Het was namelijk juist deze succesvolle motor die een stuk handelbaarder was dan de Street Triple met een krachtbron die toch dicht in de buurt kwam. Dit trok voor Triumph helaas een hoop klanten weg van de originele Speed Triple. Deze moest dus ook lichter gaan hanteren, maar wel meer potentie hebben dan zijn lichtere broertje wil Triumph de verkoopcijfers van de zware nakedbike weer omhoog kunnen tillen. Motorisch vinden we niet al teveel wijzigingen. Het 1050cc motorblok levert nu 5 pk meer, dus 135 PK en 111Nm koppel (een toename van 8%). Dit door een aangepaste mapping en het vernieuwde uitlaatsysteem, met op papier als resultaat dat de motor een sterker middengebied heeft gekregen. Vooral de koppelcurve vanaf 7000 tpm is aantoonbaar verbeterd, wat bij deze motor vooral resulteert in nog meer echt Engels hooligan gedrag. Daar waar de Triumph Speed Triple bekend om staat. Ook heeft de motor aan de achterkant een bredere band gekregen. Op het vorige model vonden we een 180/55 band, op de 2011 Speed Triple een 190/55. Deze verandering was mogelijk omdat de motor toch opnieuw ontworpen werd. Op het vorige model zou je niet verder komen dan een 190/50. Maar omdat de hele achterkant toch aangepast werd kon deze bredere band gemonteerd worden voor meer grip met toch een goede bolling voor het snelle stuurwerk. Eenmaal op het circuit met de motor kunnen we deze theoretische aanpassingen zelf eens testen, en wat blijkt? Vooral de gewijzigde geometrie lijkt te werken, de motor is uitermate makkelijk in de bochten te leggen en geeft verbazingwekkend veel vertrouwen. Lijnen zijn makkelijk te houden en dankzij de zeer goede gasrepons en het overal aanwezige koppel is accelereren uit een bocht een waar feest. Je zit echt in deze motor, de voetsteunen staan dichter bij elkaar en het lage brede stuur ligt goed in de hand. Het is een zeer sportieve houding zonder al te veel naar voren te zitten, want van druk op de polsen en schouders is bij deze motor weinig te merken. Ook de rijwind viel me reuze mee op deze echte 'naked' pas tegen de 140-150 kilometer per uur vond ik de druk op de helm en borstkas pas duidelijk optreden. Ook op de openbare weg blijft het koppel van deze motor verbazen. De kracht die het blok levert of je nu hoog of laag in de toeren rijdt is indrukwekkend. En de koppelkick die rond de 8000 toeren intreedt is werkelijk indrukwekkend. Het remmen op deze vernieuwde motor is minstens net zo goed als het accelereren. De voorrem met vernieuwde rempomp legt makkelijk aan, doseert goed en haalt absoluut direct de snelheid er uit. De schijven zijn ook dunner gemaakt dan die van het vorige model, wat weer een stukje gewichtsbesparing opleverde. Een noviteit voor de Speed Triple is dat deze motor voor het eerst optioneel leverbaar is met ABS. Over noviteiten gesproken komen we op een primeur voor Triumph motorfietsen, namelijk een immobiliser met codesleutel. Voor het eerst in de geschiedenis van het merk wordt op een Triumph motorfiets dit veiligheidssysteem standaard gemonteerd. Verder kijkende naar het nieuwe dashboard zien we een analoge toerenteller met digitale snelheidsmeter, brandstofmeter, trip computer en service interval indicatie. Voor de circuit-fanaten is er tevens een programmeerbaar schakellicht en een laptimer (bediend met de startknop) geïntegreerd. Het nieuwe dashboard is tevens voorbereid voor het bandenspanning-monitor systeem. Dit is een optie, maar door de voorbereiding kost dit systeem slechts €179,- euro extra bij de dealer. Mijns inziens is de missie van Triumph goed geslaagd. Het doel was een licht hanteerbaar bommetje, en dat is gelukt. Een opvolger die zijn voorganger waardig is. En de prijs van deze machine? Triumph start de verkoop met €13.190,- de versie met ABS zal €13.790 gaan kosten. |

